City Boy – The Day The Earth Caught Fire

1979 (heruitgave 2008 Renaissance Records)

Tracks:
1: The Day The Earth Caught Fire (5:20)
2: It’s Only The End Of The World (4:04)
3: Interrupted Melody (5:27)
4: Modern Love Affair (3:33)
5: New York Times (5:09)
6: Up In The Eighties (4:14)
7: Machines (5:02)
8: Ambition (11:52)
-Ambition
-Me And My Tarot
-Rev-On (The Crunch)
-The End (Came Easy)

Vroeger had ik twee van de zeven lp’s die de Britse zesmansformatie City Boy half de jaren ‘70, begin jaren ‘80 heeft gemaakt. Vooral “The Day The Earth Caught Fire” uit 1979 was torenhoog favoriet en nog. Als ik de weelderige artrock met heavy gitaren en complexe zangarrangementen hoor op de in 2008 verschenen heruitgave word ik weer heel blij. Het is Queen, A.C.T, Sparks, Styx, Ten CC en (doe eens gek) Saga door elkaar.

Het album vertelt verhalen rondom het gegeven dat de aarde binnen afzienbare tijd getroffen zal worden door een allesvernietigende ramp. Dit geheel wordt neergezet in acht nummers waarvan het openende titelnummer en de bijna 12 minuten durende afsluiter Ambition absolute highlights zijn, ondanks dat alle tussenliggende nummers het nergens laten afweten.

Een potje bombast zoals in de opener is altijd goed en het is lovenswaardig hoe men een rep en roer sfeertje weet te creëren zonder daarbij hectisch te worden. Die hoge stem doet trouwens erg denken aan die van Roger Taylor (Queen). Over Queen gesproken ……de leadzang van Lol Mason heeft een flinke gelijkenis met Freddie Mercury en dat is fijn. Verder kent dit nummer nog een neo-proggy toetsensolo en een lekker gitaarmoment.

City Boy is vooral compositorisch creatief. Zo is het in vieren opgedeelde Ambition een waar huzarenstuk vol melancholie, theatraliteit en melodie. Dat alles krijgt ondersteuning van een orkest dat onder leiding staat van Louis Clark die we kennen van onder andere  ELO. Ook ritmisch zit het nummer prima in elkaar. Het verschuiven van het accent in Rev-On is werkelijk geniaal. Mooi is dat in het euforische slotdeel alle drie de leadzangers van de partij zijn: Lol Mason, Steve Broughton en Roy Ward.

Het album mag dan enigszins een kind van z’n tijd zijn, door de wat gladde geluidskwaliteit zal dat niet komen.

Bezetting:
Chris Dunn: basgitaar, akoestische gitaar
Roy Ward: drums, percussie, zang
Steve Broughton: zang, basgitaar, gitaar
Max Thomas: toetsen, gitaar
Lol Mason: zang
Mike Slamer: akoestische en elektrische gitaar, basgitaar, achtergrondzang
———————————–
Met medewerking van:
Tim Friese Greene: synthesizers
Derek King: percussie
Robert John Mutt Lange: basgitaar
Huey Lewis: harmonica
Kentall Tubbs: basgitaar, percussie