IQ – The Wake

1985(cd uitgave 1988 Sahara)

Tracks:
1: Outer Limits (8:14)
2: The Wake (4:11)
3: The Magic Roundabout (8:19)
4: Corners (6:21)
5: Widow’s Peak (9:13)
6: The Thousand Days (5:12)
7: Headlong (7:30)
——————-
Bonustrack:
8: Dans Le Parc Du Chateau Noir (7:40)


Naast Marillion is IQ voor velen de belangrijkste exponent als het gaat om de opmars van de neo-prog in de jaren 80. Hun albums “Tales From The Lush Attic” (1983) en het hier besproken “The Wake” (1985) zijn inmiddels ware klassiekers.

Die status krijgt in mijn geval al vorm als ik “The Wake” slechts één enkele draaibeurt heb gegeven. Wat een impact. Het is voor mij de eerste kennismaking met de muziek van de band. Het zien van de tot de verbeelding sprekende groene albumhoes is eigenlijk al een indicatie voor mij dat het heel goed gaat worden op de plaat. Als ik kort daarna ook het debuut “Tales From The Lush Attic” aanschaf, ben ik zo blij als een klein kind.

Door de jaren heen heb ik me enorm kunnen laven aan het gedragen, bombastisch bandgeluid dat IQ voortbrengt, een sound waar de baspedalen en de akkoorden van de Mellotron een ware pleisterlaag vormen.

Binnen het bandgeluid gebeurt er altijd van alles, de dynamische nuances zijn nooit van de lucht. Bij IQ hoor je de gitaar galmen, de basgitaar zich overal tussendoor wurmen en de toetsen indringend klinken. Dat alles wordt gebracht met de nodige virtuositeit wat goed naar voren komt in allerlei solo’s, synchrone loopjes en veel tempo- en sfeerwisselingen. Het gedecideerde drumwerk en de intense zang maken het helemaal af.

Op “The Wake” vertaalt zich dat in zeven nummers, voor wat de oorspronkelijke lp-versie betreft. Op alle cd-uitgaven die daarna verschijnen staan bonustracks, waaronder steevast het epische Dans Le Parc Du Chateau Noir. Maar goed, first things first.

“The Wake” gaat van start met het wervelende Outer Limits dat na een stoïcijns bassynthesizerthema spannend aangevuld wordt door allerlei ander toetsenwerk waarna de band invalt. Vol overtuiging neemt IQ je mee, soepel klinken de onregelmatige maatsoorten, verrassend de overgangen. Dat er ineens een stukje barok klinkt is typisch Martin Orford en waag het niet te beweren dat dit er aan de haren is bijgesleept. Met het loopje uit de intro komt het nummer ten einde om vrijwel direct te worden afgelost door het bombastische titelnummer. De drums klinken er log en de zang is bevlogen. Denkbeeldig zie je de adrenaline zo uit de boxen gutsen. The Magic Roundabout is ook weer een bijzonder geslaagde pot progressieve pracht. Het is een grandioze albumtrack met fraai spel op de fretloze basgitaar, kilo’s Mellotron in de refreinen en een sublieme gitaarsolo tot slot. Het daaropvolgende Corners is een nummer dat altijd de nodige vraagtekens oproept. Het zinderende nummer heeft door het gebruik van de Choral sitargitaar van Mike Holmes en de tablas iets wereldmuziek-achtigs en dat is een gedurfde zet. Met het epische Widow’s Peak maakt IQ zich absoluut onsterfelijk. Het moment van de extreme Mellotronuitbraak mag namelijk gelden als het kernpunt van het album. IQ presenteert zichzelf hier zo magistraal, daar kunnen ze alleen zelf maar overheen. Met het pakkende The Thousand Days gaat de band vervolgens de toegankelijke kant op. Ze doen dat niet onverdienstelijk, al ligt hun hart overduidelijk bij de progressieve rock in het kwadraat. In die categorie kan je het afsluitende Headlong het beste plaatsen. Voor zover het reguliere album.

Eerdergenoemde bonustrack, het wat oudere Dans Le Parc Du Chateau Noir, laat horen hoeveel compositorische groei IQ met “The Wake” heeft doorgemaakt. Vooral de laatste paar maten zijn volgens mij nodeloos ingewikkeld. Wel zit het nummer vol IQ-smakelijkheden zoals die heerlijke gitaarsolo tegen het eind.

Ik denk dat ik dit wel een aardig plaatje vind.

Bezetting:
Paul Cook: drums
Tim Esau: basgitaar, baspedalen
Mike Holmes: gitaar
Peter Nicholls: zang
Martin Orford: toetsen
————————–
Met medewerking van:
Harun: tablas (4)