Eddie Mulder – Blind Hunter

2021 (Oskar Records)

Tracks:
CD 1 – Blind Hunter:
1: Going Out
2: A Different Brand
3: Change Of Seasons
4: Autumn
5: Melancholy
6: Like A Rock
7: Romance
8: The Calling At The Gate
9: Fransum Chapel
10: Dreamscape
11: Blind Hunter
12: Coda
———-
CD 2 – Fairplay (bonus CD):
1: Prologue
2: Back In ‘85
3: Playful
4: Arcadia
5: Reflections
6: Senorita
7: What Is It?
8: Late At Night
9: A Joke
10: Celts
11: Nobile
12: Hypnotic
13: Tribal
14: To The City
bonus
15: Majestic

Het is knap als je als blinde jager precies in de roos weet te schieten. “Blind Hunter” is het zevende soloalbum van de Friese gitarist Eddie Mulder. Nee, Mulder is niet blind of blind geworden, de man staat namelijk met een blinddoek voor z’n ogen op een foto in het hoesje van zijn nieuwe album.

“Blind Hunter” is een dubbel-cd en als je de muzikale velden kent waarin Mulder jaagt mag je heel wat verwachten. Een dubbellaar heeft vaak de schijn tegen nogal pretentieus te zijn, “Blind Hunter” maakt echter al na één draaibeurt duidelijk dat Mulder alles behalve omhoog gevallen is.

Al meer dan een halve eeuw is de gitarist in de weer met z’n instrument. Vanaf het moment in 2001 als de proggemeenschap kennis maakt met hem staat hij bekend als de Nederlandse Andy Latimer. Het spel van Mulder is eveneens al jaren een toonbeeld van gevoel, finesse, melodie, smaak, kunde en subtiliteit hetgeen uiteindelijk resulteert in een lange rij albums van bands als Flamborough Head, Trion, Leap Day en het Pink Floyd Project. Daarnaast heeft Mulder ook aspiraties om instrumentale soloalbums uit te brengen met daarop overwegend akoestische gitaarmuziek en hier en daar een full band nummer.

Op “Blind Hunter” doet hij het gewoon allebei. De eerste cd is een bandgeoriënteerd album en cd 2 is helemaal gevuld met akoestische gitaarmuziek. Laten we even noemen wie de verschillende bandleden zijn waar Mulder een beroep op heeft gedaan want het zijn niet de minsten. Internationaal zijn er bijdragen van onder andere de bassisten Colin Bass (Camel) en François Fournier (Mystery) terwijl er prachtige toetsenpartijen te horen zijn van Antony Kalugin (Karfagen/Sunchild) en Rafal Paluszek (Osada Vida). Ook krijgt Mulder hulp van muzikanten uit z’n eigen habitat zoals Edo Spanninga (Flamborough Head,Trion), Gert van Engelenburg (Leap Day) en Peter Stel (Nice Beaver). Toch zijn er nauwelijks verschillen in speelstijl te horen en dat wordt nog eens versterkt door het feit dat er slechts één drummer aanwezig is en wel Albert Schoonbeek (Pink Faces). Het geluid van het album is mooi warm met een lichte jazzy overtoon. Toch is het op en top prog met een prachtige melodische toon richting Camel en Kayak. Mulder mag zichzelf daarvoor uiteraard het hardst op de borst slaan maar hij moet Henk Stel dan wel de nodige dankwoorden toeroepen voor de fraaie productie.

De cd gaat prima van start met het heerlijk gedrumde Going Out. Het nummer kent een uitstekende melodie en bevat dito harmonieën maar dat is nergens op het album anders. Ook in het daaropvolgende A Different Brand laat Mulder je smaakpapillen weer sidderen alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Uit de titel kan je afleiden dat Mulder de variatie van het materiaal scherp in de gaten houdt. Zo kent Change Of Seasons lekkere akoestische slaggitaar en is er een gastrol voor Enzo Gallo (5Bridges) op slidegitaar. In Autumn laat Mulder z’n liefde voor Genesis en met name voor Steve Hackett duidelijk blijken. Het is weer ongelofelijk goed gedaan. De gitarist weet altijd de juiste schakering aan te brengen zoals in Melancholy waar hij in z’n eentje enige rust aan brengt in het geheel door een compositie neer te zetten met akoestische en elektrische gitaar.

Mulder laat het nergens afweten en komt uiteindelijk in een fase waarin hij z’n muziek een extra dimensie meegeeft in de vorm van stemmige fluitpartijen die Flamborough Head collega Margriet Boomsma aan drie nummers heeft toegevoegd. Noemenswaardig wat dat betreft is de blokfluit in Fransum Chapel die een frisheid bewerkstelligt van een strakblauwe lucht in wintertijd. Het laatste echte nummer, het Steve Howe-achtige Coda niet meegerekend, is het epische titelnummer Blind Hunter. Wat een beauty.

Op naar de tweede cd. Deze heet “Fairplay” en gaat door het  leven als bonus-cd. Daar zullen op z’n minst kamervragen over worden gesteld aangezien de 48 minuten durende schijf tot de beste akoestische gitaar-cd’s behoort die Mulder tot nu toe heeft gemaakt. De muziek sprankelt en kietelt je gevoel. Het fraaie samenspel van de met zijn duim aangeslagen bassen, de getokkelde akkoorden en de daar door heen huppelende melodieën laten zoveel controle horen dat je geen moment wilt missen. Nummers apart benoemen is zinloos, alles is goed.

“Blind Hunter”, tja. Het is verplichte aanschaf voor hen die de Fries al jaren volgen. zij die nog niks van hem in huis hebben, zullen aan het album een ideaal instap moment beleven. Wel is dan de kans groot dat ze getroffen worden door zijn muzikale pijlen.

Bezetting:
Eddie Mulder: gitaar, basgitaar (6,7,8,9,10)
————————–
Met medewerking van:
Colin Bass: basgitaar (2,11)
Margriet Boomsma: dwarsfluit (8,9,10), blokfluit (9)
Edo Spanninga: toetsen (3)
Stuart Nicholson: gesproken woord (9)
Francois Fournier: basgitaar (3)
Antony Kalugin: toetsen (2,6)
Rafal Paluszek: toetsen (1,7)
Gert Van Engelenburg: toetsen (4,9,11), piano (8)
Henk Stel: toetsen (8,11)
Peter Stel: basgitaar (1,4)
Enzo Gallo: slidegitaar (3)
Albert Schoonbeek: drums (1,2,3,4,6,7,8,9,11)